Renske Jonkman - Zo gaan we niet met elkaar om
Wolken
‘Voorzichtig kijk ik opzij en zie dat hij onrustig om zich heenkijkt. Zijn gezicht is spierwit en er drijven weer van die wolken in zijn ogen, maar deze keer zo donker dat ze zijn ogen veranderen in die van iemand anders, van iemand die ik niet ken.’ Het moet de eerste keer zijn dat hoofdpersoon Hazel uit de debuutroman van Renske Jonkman Zo gaan we niet met elkaar om zich realiseert dat er echt iets met haar broer Jaris aan de hand is. In de snackbar. Na een middagje surfen. Wanneer een groep wielrenners het hem benauwd maakt en hij wegrent. Natuurlijk rent Hazel haar oudere broer achterna, onafscheidelijk als ze zijn. Haar broer die haar leerde over Lenin, over dat continenten nooit op één plek blijven liggen, over zwarte gaten. Haar broer waarmee ze een geheimschrift heeft ontwikkeld. Haar broer die langzaamaan de grip op het leven verliest, die ze nakijkt op zijn surfplank, tot hij niet meer is ‘dan een zich verplaatsend stipje aan de horizon’. De uitwerking van wat er allemaal met Jaris gebeurt is groot op Hazels leven, al heeft ze het zelf misschien niet door. Het lieve meisje verandert tot ze bijna net zo vervreemd is van de wereld als haar broer.
Drank, drugs, seks
Renske Jonkman (1982) studeerde Nederlandse Taal- en Letterkunde en schrijft als freelance journalist voor verschillende kranten en tijdschriften. Na het winnen van de Lowlands Blogwedstrijd in 2009 begon ze aan haar roman die speelt rond het thema ‘schizofrenie’. Het boek kwam al voor de officiële uitgave onder de aandacht door de opvallende promotieactie van uitgeverij Nijgh & Van Ditmar. Een deel van het manuscript, compleet met aantekeningen van de redacteur, werd gevonden door verschillende treinreizigers. Een vinder kwam het voor als ‘een mix tussen Gimmick! van Joost Zwagerman en een aflevering van de Lullo's van Jiskefet’. En die uitspraak lijkt een schot in de roos. Wanneer Hazel na de verdwijning van Jaris in Amsterdam arriveert, een zolderkamer huurt en zich onderdompelt in drank, drugs en seks dreigt de ondergang. Haar ouders, haar vriendje, haar huisgenoten (Das en Keizer die de zware thematiek van de nodige humor voorzien) – begrijpt niemand haar dan?
Opbouw
De hoofdstukken wisselen elkaar af in tijd. Zo zien we de jonge Hazel die zich optrekt aan haar grote broer waarmee het echter steeds slechter gaat, en de losgeslagen rebelse Hazel in Amsterdam. Die afwisseling is goed gedaan en maakt dat de lezer beter inzicht krijgt in de wereld van Hazel en wat haar is overkomen, waarom ze misschien wel zo is als ze is. Qua opbouw zit het boek dan ook klassiek, maar uitstekend in elkaar. Beheerst wordt er toegewerkt naar de dag waarop Jaris definitief verdwijnt. Beheerst is ook het taalgebruik, beeldend met soms verrassend mooie metaforen. De verschillende personages in het boek en Hazels relatie tot hen worden levendig uitgewerkt: haar ouders en het wederzijdse onbegrip, haar saaie (ex-)vriendje Mart, de mooie Job waar ze al zo lang op verliefd is, haar oom Gerbrand, de altijd in het zwartgeklede Das, het icoon Keizer, en natuurlijk de tragische Jaris. Allen dragen ze bij aan een debuutroman die je waarschijnlijk niet van je stoel doet vallen van verbazing, maar zeker een van de betere in zijn genre is.
Vincent Terlouw
Renske Jonkman, Zo gaan we niet met elkaar om
paperback, 240 blz, € 17,50
Nijgh & Van Ditmar, ISBN 978 90 388 9440 9
